Woordenschat in groep 3

Met Veilig leren lezen werkt u gericht aan het uitbreiden van de woordenschat van uw leerlingen in groep 3.

Hierbij ligt het accent niet louter op het aantal nieuwe woorden die aan bod komen maar des te meer om het verdiepen van de woordkennis door in te gaan op verschillende betekenisaspecten en relaties te leggen tussen woorden. Woordenschat is dus meer dan een opsomming van definities maar staat in Veilig leren lezen voor dieper verbaal begrip van woorden. De basis bij uitstek hiervoor zijn de ankerverhalen die bij elke kern horen en expliciet inzoomen op kernwoorden, zowel concrete als meer abstracte woorden. In de werkboekjes komen verwijs- en signaalwoorden (bv. hen, want, maar) uitgebreid aan de orde. Daarnaast zijn er nog de woorden die gerelateerd zijn aan het thema van de kern.

Herhalen en oefenen in verschillende contexten

Het gaat er bij de leerlijn woordenschat niet enkel om de leerlingen woorden in een betekenisvolle taalcontext aan te reiken, maar ook woordbetekenissen uit te diepen en te concretiseren met beeldmateriaal, voorwerpen of duidelijke contexten en ervoor te zorgen dat woorden herhaaldelijk en gevarieerd aan bod komen. In Veilig leren lezen kunt u bij deze stappen een beroep doen op de Leerkrachtassistent waarmee u op het digibord telkens nieuwe woorden toont en ze op diverse wijzen aan de orde kunt stellen. Met de leerlingsoftware oefenen de leerlingen actief woordenschat.

Deel met anderen